Sergio van Dijk: van ‘Oosters Avontuur’ naar Asser Veteranen Cup. ‘Hartstikke leuk’

Assen – Hij speelde als profvoetballer in exotische voetballanden als Australië, Indonesië, Iran en Thailand. Vorig jaar streek Sergio van Dijk weer neer in zijn ‘hometown’ Assen en stond de 36-jarige aanvaller zaterdagavond ‘zomaar’ met Assen Beweegt in de Marsdijkhal tijdens zijn debuut in de Asser Veteranen Cup.

Het contrast, lacht Van Dijk, kan inderdaad haast niet groter. ‘Maar ik vind het hartstikke leuk om hier te spelen. Een maand geleden heb ik gevraagd of ik mee mocht doen en omdat ik de 35 ben gepasseerd mocht dat. Toch wel een apart gevoel. Mijn vader Roel, oud-speler van ACV, zag ik hier voetballen en nu sta ik er zelf. Ja, de jaren zijn snel verstreken.’

Avontuur

Jaren die Van Dijk vooral sleet op het voetbalveld. Hij begon bij LTC en verkaste vervolgens naar FC Groningen. In Nederland volgden Helmond Sport en FC Emmen waarna het avontuur aanklopte. Dat begon bij Queensland en Adelaide in Australië en vervolgens toog de Assenaar naar het Indonesische Persib Bandung, FC Sepahan in Iran, het Thaise FC Subhanburi, keerde een seizoen terug bij Adelaide om de trip door ‘de Oost’ af te sluiten bij Persib Bandung.

Het was, vertelt Van Dijk, in meerdere opzichten een prachtige periode in zijn leven. ‘Neem Indonesië, een land met ruim 25 miljoen inwoners en bijna allemaal voetbalgek. Het is daar een soort tweede religie, de belangrijkste afleiding van het ‘echte leven’. Het voetbal bracht de inwoners pure vreugde en elke thuiswedstrijd was uitverkocht met 35, 40.000 toeschouwers. En Iran is een land met een rijke cultuur en historie. Een uitzonderlijk land, dat veel mensen alleen van buitenaf kennen. En dat beeld wordt vooral beheerst door de Islam, strenge regels. Ik heb Iran van binnenuit kunnen bekijken. En dan zie je dat veel mensen daar ‘Westers’, modern denken. Net als wij.’

Bevoorrecht mens

Al met al voelt Van Dijk zich – opgeteld bij de levenservaringen in Australië en Thailand – zich een bevoorrecht mens. ‘Ik heb mogen proeven van al die verschillende culturen. Dat heeft me vooral geestelijke rijkdom gegeven. Het waren ook geen vakanties hè, ik heb echt in de maatschappij gestaan. En als profvoetballer heb ik denk ik wat mijn mogelijkheden betreft het optimale eruit gehaald.’

Terug in Nederland is Van Dijk begonnen aan een opleiding als vastgoeddeskundige. ‘Een nieuwe studie, een nieuwe uitdaging. Eens kijken wat me dat brengt. Ja, in principe heb ik het profvoetbal afgesloten en speel nu  bij de amateurs van vv Pelikaan-S. En het is ook mooi geweest. Ik heb een zoon van 9 en mijn vriendin heeft hier een baan. Zij hebben mij altijd overal naartoe gevolgd als profvoetballer, nu denk ik vooral aan hen. En vergeet niet, oosterse landen zijn mooi, maar terug in Nederland merk je pas echt hoe goed wij hier alles voor elkaar hebben op maatschappelijk en sociaal gebied. Nee, lekker terug in Assen. Prima zo!’

Pure liefhebber

En nu geniet Van Dijk van de Asser Veteranen Cup. Want hoeveel hij ook heeft meegemaakt, voor hoeveel uitverkochte stadions hij ook heeft gespeeld, als pure liefhebber maakt het hem niet uit waar hij tegen de bal trapt. Als er maar lekker ‘gebald’ wordt. Wie echter altijd gewend is om te moeten presteren, gaat die drang naar het ‘altijd willen winnen’ er nooit helemaal uit.

Beaamt ook Van Dijk. ‘En we hebben ook en team dat hier kan winnen.’ Wat heet, Assen Beweegt heeft met Sergio van Dijk en Gibril Sankoh 9op het veld spelend voor ACV) twee heuse internationals in de gelederen. Van Dijk kwam vijf keer uit voor het nationale team van Indonesië, Sankoh speelde drie interlands voor Sierra Leone. ‘Het grappige is, dat Gibril en ik als jonge profs al eens tegenover elkaar stonden. Ik bij FC Groningen, hij bij Telstar. Dat we nu na al die jaren hier in Assen samen in een team spelen is best bijzonder.’

Fanatiek

Onder meer de inbreng van dit duo was zaterdag – mede dankzij zes treffers in drie poulewedstrijden van Sankoh – voldoende voor het behalen van de halve finale op 12 januari. Van Dijk: ‘En ja, dan willen we die cup winnen ook, zo fanatiek zijn we wel!’

Tekst: Robbert Willemsen