Tandarts Annet Keur en assistent Diana Sipma 25 jaar ‘aan elkaar verbonden’ in Assen: ‘We namen de ‘goede dingen’ van elkaar over'

Assen - Tandarts Annet Keur en haar assistent Diana Sipma zitten op 1 maart precies 25 jaar ‘aan elkaar verbonden’ binnen de praktijk Keur-Barkhuis, thans gevestigd in de Asser wijk Kloosterveen. Ze moesten eerst wat aan elkaar wennen, maar gaandeweg ontstond een duo dat elkaar op gelijkwaardige basis aanvult en versterkt.

 ‘Lief en leed wordt hier gedeeld. Op werkgebied en op persoonlijk vlak. En niet alleen met elkaar, maar binnen het héle team én met onze cliënten. Zeker in deze coronatijd. Dát maakt ons een hecht geheel.’

Het was voor Diana Sipma (48) wel even wennen toen Annet Keur (51) 25 jaar geleden de tandartsenpraktijk van Edgar Bollaert aan de Nassaulaan in Assen overnam. ‘Ik kreeg een korte mededeling van Bollaert, wat de man ook wel typeerde. Hij zei: ‘Ik heb de praktijk verkocht aan een vrouw, hopelijk neemt ze jou erbij en anders wordt het een gang naar het UWV’. En daar kon ik het mee doen.’

Motormeid

Geen wonder dat Diana een beetje zenuwachtig was tijdens de eerste ontmoeting met haar nieuwe baas. ‘Annet kwam binnen en droeg een Ducati-T-shirt. Een motormeid dus. Ik dacht ‘oh God, voor wie ga ik nú dan werken!’. Want ja, ik was Bollaert gewend, een veel formeler persoon. En ook iemand die ‘niet aanstellen, je gaat niet dood van een beetje kiespijn’ hoog in het vaandel had staan. Annet bleek heel anders te zijn, met veel meer ‘gevoel’ voor de cliënt. Ze praatte met mensen over tandvlees, goed poetsen, foto’s maken… Ik dacht in het begin ‘man man man, we gaan toch niet tien uur per dag in de praktijk staan?!’ Ik vond het in het begin een beetje vreemd allemaal.’

Annet lacht. ‘Ik was ook wel nerveus hoor. Ik wilde een goede eerste indruk maken, kende niemand hier. En ja, dan wil je het gewoon allemaal goed doen. Maar na een poosje groeiden we naar elkaar toe, namen de ‘goede dingen’ van elkaar over en dat werd een prima mix. Je moet elkaar natuurlijk wel liggen en ons rechtlijnige karakter helpt daar zeker bij. We maken van ons hart geen moordkuil. Dat levert wel eens discussies op, maar we komen er uiteindelijk altijd uit over wat het beste is voor de cliënt.’

Het is ook een van de redenen dat Diana nu al 25 jaar bij Annet zit. ‘Ik heb het hier prima naar mijn zin, ga elke dag met plezier naar mijn werk. Natuurlijk had ik verder kunnen kijken, maar als je het ergens goed hebt en ook de ruimte krijgt jezelf te ontwikkelen, waarom zou je daar dan van weglopen?’ Annet: ‘En ik ben daar blij mee, want we zijn goed op elkaar ingespeeld en dat is heel waardevol als je mensen moet behandelen. Voordat je dat met een nieuwe assistent voor elkaar hebt – als het al klikt – duurt jaren.’

Corona

Het jubileum valt in coronatijd. Dat is ook te merken in de praktijk. Tijdens de eerste golf was die zes, zeven weken gesloten, alleen spoedgevallen mochten worden behandeld. Terwijl juist tandartsen, zegt Annet, al járen heel zorgvuldig omgaan met veiligheid, voor zichzelf en de cliënten. ‘In de jaren ’80 had je het toen nieuwe Hiv-virus. Ik weet nog dat ik tijdens mijn opleiding in Nijmegen gewend raakte aan het dragen van handschoenen en dat toen al mondkapjes en een spatbril werden gebruikt. Dat doen we nu nog en tegenwoordig moeten cliënten eerst de mond spoelen met een vloeistof om bacteriën en virussen in de mond te doden. Daarom vond ik het ook vreemd dat bepaalde contactberoepen op een gegeven moment wél door mochten gaan en de tandartsen nog niet. Onze beroepsgroep was er in principe al helemaal op toegerust om veilig te kunnen werken, we hebben er nu alleen een spatscherm bij geplaatst.’

Toch, knikken Annet en Diana, was het wel goed dat de praktijken voor even dicht gingen. ‘Omdat je in het begin nog maar heel weinig wist over de gedragingen van het virus. Dan kun je maar beter het zekere voor het onzekere nemen.’

Maar nu de tandartsstoel weer regelmatig bezet wordt – op strikte afspraak, geen volle wachtkamer en volgens de Covid-voorschriften – merkt het team binnen de praktijk hoezeer de tandarts werd gemist. ‘Kleine problemen kunnen wat het gebit betreft grote problemen worden als die niet tijdig worden behandeld. En dat kan heel vervelend uitpakken. Daarnaast zien we dat de maatregelen toch wel op het gemoed werken van de mensen. De tandarts wordt zelfs gezien als een welkome onderbreking van de sleur, een uitje! En ja, we moeten nu meer dan ooit flexibel zijn, afzeggingen omdat mensen zich niet goed voelen kunnen vlak voor een afspraak binnenkomen. En dat geldt ook voor zieke collega’s. Sommigen voelen zich dan bezwaard, omdat wij de agenda of het rooster weer aan moeten passen. Maar we zijn juist blij met die eerlijkheid. Je moet nu elk risico op besmetting vermijden.’

Toekomst

Na het begin aan de Nassaulaan, de tussenstop aan de Groningerstraat en nu de ruime praktijk in Kloosterveen werkt het tandartsenteam hard aan de toekomst. Annet: ‘Wat we gelukkig al hebben kunnen realiseren is een afdeling voorlichting en preventie. Ouders en kinderen het belang van goede gebitsverzorging laten zien en ook wijzen op wat voeding kan doen met tanden en kiezen. En we zijn naarstig op zoek naar een tweede tandarts. Dát is echt een grote wens. Maar ja, de spoeling is dun en jonge tandartsen kunnen óveral terecht, het liefst in een complete praktijk, inclusief bijvoorbeeld een tandtechnicus. Maar goed, wij bieden in elk geval een moderne praktijk en een enthousiast, sociaal en zeer betrokken team. En dat is toch ook heel wat waard.’ 

Tekst: Robbert Willemsen

Kwart eeuw: van perenlikeur tot bajesbezoek

Ter ere van het jubileum had de tandartsenpraktijk Keur-Barkhuis een theaterstuk willen opvoeren, genaamd ’50 tinten wit’. Corona gooide echter roet in het eten.

Het toneelstuk zou boordevol anekdotes zitten, lachen Annet en Diana. ‘Want je maakt in al die jaren natuurlijk heel wat mee. Zoals een mevrouw die zó blij was dat we haar hadden geholpen, dat ze ons trakteerde op advocaat met slagroom. Of iemand die kwam met visjes, nog verpakt in een krant, en zelfgemaakte perenlikeur. Bijzonder.’

Wat het tweetal ook nog scherp voor de geest staat, is een bezoekje aan de gevangenis Norgerhaven. ‘Een gevangene daar wilde een second opinion van ons nadat hij beweerde dat de ‘gevangenistandarts’ zijn gebit had vernield. Dus wij met z’n tweeën erheen. Twee vrouwen in de bajes, best spannend natuurlijk. Nou, dat gebit had in tien jaar geen borstel gezien, die man wilde gewoon op kosten van de Staat zijn gebit laten renoveren. Daar trapten we dus niet in, hè.’