Burgemeester Tynaarlo: 'Verbod op carbidschieten? Dan worden we een truttige samenleving'

Knalvuurwerk en vuurpijlen worden verboden, als het aan kabinet ligt. Maar hoe zit het dan met carbidschieten? Mag dat nog wel?

We kunnen alles in de samenleving wel verbieden, maar dan zijn we totaal verkeerd bezig. ,,Dan worden we een grote truttige samenleving.” Was getekend Marcel Thijsen, burgemeester van Tynaarlo.

Kom hem niet aan met een vuurwerkverbod, laat staan een verbod op de traditie van carbidschieten op oudjaarsdag.

Burgemeester schoot zelf met carbidbussen

Thijsen bezocht afgelopen oudjaar het carbidschieten op meerdere locaties in zijn gemeente. Hij was niet te beroerd zelf de carbidbussen te laten knallen, onder luid applaus van tientallen toeschouwers.

,,Carbidschieten is in Tynaarlo al twee of drie jaar een groot feest, waar jong en oud op afkomt. Het gebeurt op een verantwoorde manier. Er gelden regels een iedereen houdt zich daaraan. Er wordt niet meer met die grote giertanks geknald.”

,,Een verbod helpt niet. Het lost niets op en is moeilijk te handhaven. Je moet de oorzaak aanpakken. Als je iemand wordt aangehouden voor bellen met een mobieltje op de fiets, dan verbied je de telefoneren toch ook niet. Maar je moet wel duidelijk zijn en regels stellen. In de samenleving heerst de gedachte dat alles maar kan. Grenzen worden overschreden, zoals het belagen van hulpverleners met vuurwerk en die grote vreugdevuren in Scheveningen. Lui die over de schreef gaan krijgen geen vergunning meer.”

Zuipkarren

Thijsen heeft in zijn gemeente de zuipkarren op oudjaarsdag verboden. Jongeren trokken voorgaande jaren met een tractor met een aanhanger met daarop een bar en bier door de dorpen. Vorig jaar viel een jongen van zo’n kar en ging met hersenletsel naar het ziekenhuis. ,,We hebben regels voor die karren opgesteld en de jongeren hebben zich daar niet aan gehouden. Toen hebben we de zuipkarren verboden. Als je iets verbiedt moet je twee dingen doen: uitleggen waarom je het verbiedt en handhaven.”

In Pekela, de carbidschietgemeente van Groningen, kent regels die verder gaan dan in Tynaarlo. Burgemeester Jaap Kuin: ,,We verlenen vergunningen voor achttien plekken voor carbidschieten. We organiseren in november een avond voor carbidschieters en de aanvragers krijgen dan hun vergunning overhandigd. Wij leggen de regels ook nog een keer uit.”

De carbidavond is onderdeel van de oudjaarscampagne van Pekela, zegt Kuin. ,,We hadden in het verleden veel schade tijdens oud en nieuw. Op straat waren er veel afvalverbrandingen. We delen nu 160 vuurtonnen uit waar mensen een vuurtje kunnen stoken. En we houden eind december een opruimactie. De gemeenten stelt containers beschikbaar waar mensen oude spullen in kunnen gooien die anders op de vuurstapel belanden. De woningcorporatie en de scholen werken mee. Het levert minder schade op.”

Het carbidschieten in Pekela mag alleen met melkbussen en zonder deksel. ,,We gebruiken ballen, dat is veel veiliger. We staan de grote knalbussen niet toe. Daar controleren we ook op. Afgelopen jaar zijn op twee plekken carbidbussen in beslag genomen omdat de regels werden overtreden.”

Kuin is voorstander van het verbod op knalvuurwerk. ,,Maar vergeet de randen van de Nederland niet. Duitsland ligt naast de deur om knalvuurwerk op te halen. Ik heb de politiecapaciteit niet om te handhaven.”

Een verbod op carbidschieten ziet Kuin niet zitten. ,,Dan wordt het wel heel erg saai in Nederland. Carbidschieten is cultureel erfgoed. Het gaat me te ver dat te verbieden. Er is een groot verschil met het afsteken van vuurwerk. Carbidschieten is te controleren, je weet waar geschoten wordt. Je vernielt niets met carbidschieten. Met knalvuurwerk blaas je brievenbussen en afvalbakken op en blaas je ramen uit bushokjes. Hulpverleners worden met vuurwerk belaagd, niet met carbid. En carbidknallen geven alleen op oudjaarsdag overlast, vuurwerk op meerdere dagen.”

Wie is de BOCK

Sinds vijf jaar vraagt de BOCK-campagne aandacht voor een veilig verloop van carbidschieten. BOCK staat voor: Bewust Oplettende Carbid Knaller. Vijf punten zijn belangrijk: voorbereiding, bescherming, materiaalgebruik, ontsteking en zorg voor EHBO.

In december stond oorbescherming centraal. Oordoppen in of koptelefoon op tijdens het carbidschieten, luidde de boodschap. Door KNO-arts Christina Fuller van Treant omgedoopt tot oorbehoedsmiddelen. ,,Als je zonder bescherming te dicht bij carbidschieten staat, kunnen je trommelvliezen knappen. Door het geluid, maar ook door de druk van de knal. Als de schade eenmaal is aangericht, is herstel van het gehoor niet mogelijk, hoe goed de KNO-arts ook is. En er zijn geen medicijnen voor.’’

De BOCK-campagne is een initiatief van de Stichting Carbidschieten Drenthe, Veiligheidsregio Drenthe en het Brandwondencentrum in Groningen. Inmiddels ondersteunen ook de veiligheidsregio’s Friesland, Groningen en IJsselland, de GGD, de Brandwondenstichting en zeventig gemeenten deze campagne. Zoals Pekela. Burgemeester Jaap Kuin was vorige maand bij de aftrap van de laatste campagne in Fluitenberg aanwezig.

De campagne richtte zich voorgaande jaren op jonge carbidschieters en op het schieten met voetballen in plaats van melkbusdeksels. Carbidschieten heeft in Drenthe een Unesco-status: de traditie staat op de Nationale Inventaris van Immaterieel Cultureel Erfgoed.

Carbidschieten is sinds het gewijzigde vuurwerkbesluit van 2014, dat afsteken van vuurwerk overdag verbiedt, explosief toegenomen. Carbidschieten valt niet onder dat besluit. Keerzijde is dat ook het aantal slachtoffers met ernstige brandwonden door carbidknallen toeneemt. Met de campagne Wie is de BOCK? wordt geprobeerd het aantal slachtoffers te beperken.

Afgelopen oudjaar meldden zich veertien slachtoffers bij het Brandwondencentrum Groningen met verwondingen door carbidschieten, tegenover zestien door gewoon vuurwerk. ,,Van deze veertien hebben wij er zes behandeld. De rest is doorgestuurd naar de huisarts”, zegt woordvoerster Bianca Habing. ,,De meeste hadden brandwonden aan handen en gezicht, vaak doordat een carbidbus die niet afging tijdens controle alsnog een steekvlam gaf.”