Analyse: Formule 1 naar Zandvoort, verwijten in Assen. Maar dat is niet terecht

Analyse - Nu de Formule 1 naar Zandvoort is gegaan, komen de verwijten in Assen. Jos Vaessen, voorzitter van de stichting The Netherlands Grand Prix Foundation, vindt dat het schortte aan de samenwerking in het Noorden en vindt tevens dat de gemeente Assen, net als de gemeente Zandvoort, een duit in het zakje had moeten doen.

Vooropgesteld: de inspanningen die Vaessen heeft gedaan om de Formule 1 naar het TT Circuit te halen verdienen lof, maar ook hij moet geweten hebben – met al zijn ervaring – dat het trekken aan een dood paard was. Het Formula One Management (FOM) wilde weliswaar met onze nationale race-held Max Verstappen naar Nederland, maar keek eerst of een stratencircuit in Amsterdam of Rotterdam tot de mogelijkheden behoorde. Toen dat niet zo bleek te zijn, werd het vizier gericht op Zandvoort, met al haar F1-historie. En een prins als eigenaar. Amsterdam on the Beach.

Mooi verhaal

Juist dát plaatje is aantrekkelijk voor de Formule 1-bazen. Want er moet wel een mooi verhaal bij verteld kunnen worden. Dat rond de badplaats op racedagen een verkeersinfarct dreigt te ontstaan en Nederland ergens nog een circuit op de hei heeft interesseert ze niet. Sterker, als het Zandvoort niet was gelukt, was het F1-circus hoogstwaarschijnlijk aan Nederland voorbij gegaan.

Het zijn dus de duinen geworden en dat zint Vaessen niet. Hij wijst nadrukkelijk naar de gemeente Assen en het (politieke) Noorden in het algemeen. Die hadden niet alleen met woorden, maar ook met (belasting)euro’s achter de komst van de snelle bolides naar het TT Circuit moeten gaan staan. En Vaessen noemt daarbij de gemeente Zandvoort, die 4,1 miljoen euro beschikbaar stelde.

Winterdijk Tribune

Ja, voor de infrastructuur rond het circuit, niet voor het sportieve gedeelte. Vaessen moet dan nog maar eens in de nieuwsarchieven duiken, want de gemeente Assen en de provincie hebben in het (recente) verleden miljoenen euro’s gestoken in projecten op en rond het circuit van Assen. Zoals in de nieuwe toegangsweg vanaf de A28 Assen-Zuid. Of de Winterdijk Tribune. En de motorcross GP die jaarlijks neerstrijkt op het TT Circuit krijgt eveneens financiële steun van gemeente en provincie.

Daarnaast werd de Grand Prix Business Club Assen in het leven geroepen, waarin noordelijke ondernemers zich verenigden om zo een lobby richting de FOM op poten te zetten. Met bijeenkomsten en ludieke acties, zoals de #HupAssen-bril met een knipoog naar het forse montuur dat Prins Bernhard op zijn neus heeft hangen.

Dus de wil om topsportevenementen te faciliteren en naar het Noorden te halen is er beslist. De Formule 1 is echter een verhaal apart. Daar tellen niet alleen de juiste faciliteiten – die Assen heeft – maar vooral de locatie en de historie. En wat dat betreft is alleen Zandvoort serieus in beeld geweest voor het FOM. Dat moet Vaessen toch ook geweten hebben, en  anders zijn promotiepartner Lee van Dam wel, die het F1-wereldje als geen ander kent.

In de problemen

En misschien dat Assen zich straks gelukkig mag prijzen niet in dit peperdure avontuur te zijn getrokken. Akkoord, er zal een economische spin-off zijn rond het sport- en glamourspektakel, maar menig circuit is al in de problemen gekomen door het miljoenen euro’s verslindende beest dat de Formule 1 is.

Assen krijgt jaarlijks de mondiale top van de wegracers en de motorcrossers op bezoek. Niet slecht voor een provinciestadje, dat dankzij deze happenings op de wereldkaart staat.

Dan moet je ook eens tevreden zijn met wat je hebt.

Tekst: Robbert Willemsen

Lees ook de eerder geschreven columns over dit onderwerp: 

Het wordt Zandvoort

Rare jongens, die Hollanders