​Britt Weerman: ‘Turnen vormt goede basis voor hoogspringen’

Assen - Ze doet nog maar drie jaar aan atletiek en staat te boek als een groot talent. Afgelopen zondag overtrof hoogspringster Britt Weerman (15) uit Assen zichzelf in Ede, door tijdens wedstrijden Junior A de limiet te springen voor het Jeugdkampioenschap Atletiek onder 20 jaar in het Zweedse Boras. ‘Dit zag ik echt niet aankomen.’

Britt liet zondag de lat op 1.81 meter keurig liggen. Een zeer knappe prestatie voor iemand die nog maar zo kort op de atletiekbaan staat. Naast het behalen van de EK-limiet was die sprong tevens goed voor een vijfde plaats op de Nederlandse ranglijst aller tijden bij de meisjes B.

Turnen

Voordat de Assense de spikes aantrok turnde ze op hoog niveau bij TurnGroep Noord. Een elleboogblessure dwong haar echter met deze sport te stoppen. ‘Ik ben nog wel geopereerd, maar helaas heeft die niet het gewenste resultaat opgeleverd. Ik kan geen sporten meer doen waarbij ik mijn rechterarm belast en daarom heb ik gekozen om op atletiek te gaan. Dat leek me ook heel leuk.’

In eerste instantie richtte Britt zich vooral op de meerkamp. ‘Maar kogelstoten en speerwerpen moest ik met mijn linkerarm doen. Dat ging niet echt makkelijk, dus dat viel af. Ik doe nu veel aan hordenlopen. Dat bevalt me goed en in die discipline draai ik ook wel goed mee. En hoogspringen dus.’

Lenigheid

Hoogspringen is een technisch en moeilijk onderdeel. De aanloop, de afzet, de sprong, het op het juiste moment ‘buigen’ van het lichaam… Alles moet kloppen en vloeiend in elkaar overgaan. Britt heeft de sprongkracht, de explosiviteit en de lenigheid meegenomen uit het turnen. ‘Het turnen vormt inderdaad een goede basis voor hoogspringen, waarbij vooral de lenigheid helpt.’

Haar prestatie zondag in Ede ging niet onopgemerkt voorbij. ‘Ik heb echt heel veel reacties gekregen. Het is fijn dat iedereen zo blij voor me is. Ik was sowieso verbaasd over dit resultaat, zag dit echt niet aankomen. Dat het zo onverwacht komt, maakt het extra leuk.’

Interland

Eerder pakte Britt al brons tijdens de NK Indoor en werd uitgenodigd om mee te doen met de Nederlandse ploeg in een interland tegen Duitsland en België. De successen komen haar overigens niet aanwaaien, Britt traint vijf dagen in de week in een combinatiegroep van Groningen Atletiek met het RTC Noord Atletiek (Regionaal Talenten Centrum Noord).

De jonge atlete begon haar atletiekloopbaan bij AAC ’61 in Assen, maar ontwikkelde zich daar zó snel dat ze al snel naar Groningen verkaste. ‘In Groningen trainen meer meiden mee met de top. Factoren als jezelf beter maken, en nieuwe dingen leren om weer vooruit te komen speelden allemaal een rol om die overstap te maken.’

Gevarieerd

Britt traint nu met circa acht andere atleten, waarbij alles aan bod komt: krachttraining, duurlopen, kogelstoten, hordelopen en hoogspringen. ‘Heel gevarieerd. We worden getraind door Sybout Wijma, Ferdinand Rikkers en Matthijs Stuifzand.’ Met school erbij zitten haar dagen aardig vol. ‘Maar de trainingen, waar mijn ouders me heenbrengen, zijn goed te combineren met school.’

Voorbeelden in de sport heeft de Assense niet echt. ‘Wel vind ik het mooi om naar atletiek te kijken en te zien hoe de Nederlandse top het doet.’ Vooralsnog  kan  Britt nog geen keuze maken tussen hoogspringen en het hordenlopen. ‘Ik vind  die disciplines leuk om te doen en hoop ook dat ik op beide onderdelen goed kan blijven meedraaien.’

Super

Haar doel is om nu eerst goed te presteren in Nederland tijdens de NK’s. ‘Maar ook het EK onder de 20 is natuurlijk super om mee te maken.’ Of Britt daadwerkelijk naar Boras gaat wordt later bepaald. ‘We zijn aan het begin van het seizoen en tot 7 juli is er de tijd om de limiet te springen. Die heb ik dus op zak en over een paar maanden wordt de definitieve selectie bekend gemaakt.’

Tekst: Cindy Houwen